Ľ Eerste Wereldoorlog

Wat is dit?

Inleiding
Geen enkele oorlog begint 'zomaar'. Er zijn altijd oorzaken te vinden voor het feit dat twee landen, of, in het geval van de Eerste Wereldoorlog, twee groepen landen, elkaar in de haren vliegen. De oorzaken voor de Eerste Wereldoorlog vinden we voor een deel in de negentiende eeuw. Dat betekent dat we, als we het 'verhaal' over die oorlog begrijpelijk willen maken, ons verhaal rond het midden van die negentiende eeuw moeten beginnen.
Geschiedenis is een vak dat voortdurend verandert. Dat wil zeggen dat onze kijk op gebeurtenissen kan veranderen, enerzijds door nieuwe ontdekkingen, anderzijds door gebeurtenissen in het heden. Een voorbeeld van het eerste is de opgravingen in Egypte van de graven van de zonen van Ramses II, in mei 1995. Daardoor verandert ons beeld van die tijd, we hebben meer informatie. Een voorbeeld van het tweede is de (burger)oorlog in voormalig JoegoslaviŽ. De strijdende partijen grijpen terug op een verleden van vůůr de Eerste Wereldoorlog.

De oorlog
Het eerste wat gezegd moet worden is dat de Eerste Wereldoorlog een heel ander soort oorlog was dan de oorlogen daarvoor. Het was de eerste Europese oorlog sinds 1815 toen de tegenstanders van Napoleon hem voor het laatst versloegen bij Waterloo.
Napoleon was de eerste geweest die de dienstplicht had ingevoerd. Zijn legers kregen daardoor een voor die tijd verbazingwekkende omvang van 500.000 soldaten. Het grootste probleem daarbij was de bevoorrading. Op lange veldtochten kon voor zo'n enorme massa moeilijk voldoende voedsel worden meegenomen. Gevolg daarvan was dat het leger 'van het land' moest leven. En dat betekende weer dat de bevolking in de streken waar het leger doorheen trok 'gevraagd' (lees: gedwongen) werd om in de voedselvoorziening van het leger te voorzien. Op het moment dat dat niet kon kwam het leger dus in de problemen. En precies dat was er gebeurd bij Napoleons tocht naar Moskou. In 1812 verloor hij vrijwel zijn hele leger toen de Russen steeds verder terug trokken en alles wat zijn leger kon gebruiken vernielden. De Russische winter en voortdurende aanvallen van Russische soldaten (kozakken) deden de rest.

Er is een gezegde dat beweert dat generaals altijd bezig zijn de vorige oorlog te winnen. Dat wil zeggen dat generaals de fouten uit het verleden bestuderen om ze in de toekomst niet meer te maken. Maar dat kan betekenen dat ze zich voorbereiden op een soort oorlog die misschien helemaal niet volgens die plannen verloopt. Dat gebeurde dus ook nu.
De Duitsers hadden zich al een tijd voorbereid op een zogenaamde Tweefronten-oorlog. Men verwachtte dat Frankrijk en Rusland zo mogelijk tegelijk Duitsland zouden aanvallen. Frankrijk alleen zou de Duitse aanval niet kunnen weerstaan. Rusland moest daarom zo snel mogelijk aanvallen om het Duitse leger als het ware in tweŽen te splitsen. Een Duitse generaal, Von Schlieffen, had daarom een plan ontwikkeld waarbij het Duitse leger in een snelle opmars dwars door Zuid-Nederland en BelgiŽ om de Franse legers in Noord-Frankrijk heen zouden trekken. De Franse legers, zo werd verwacht zouden naar de Frans-Duitse grens trekken. Daardoor konden ze omsingeld worden en verslagen zijn nog voor de Russen klaar zouden zijn met hun mobilisatie. Men verwachtte dat de Russen pas aan zouden vallen als al hun legers helemaal klaar waren. Men rekende erop dat dat wel drie maanden kon duren. Het feit dat men door twee neutrale landen heen moest nam de Duitse legerleiding op de koop toe. Het Duitse leger was simpelweg gewoon te groot om alleen door het Frans-Duitse grensgebied heen te kunnen.

Hoe groot waren de legers dan?

Duitsland bracht aan het begin van de oorlog bijna 2.000.000 man op de been. Later werd dat meer dan het dubbele

Oostenrijk-Hongarije begon met 450.000 man. Dat liep later op tot ongeveer 2.700.000

Frankrijk had in 1914 1.650.000 man onder de wapenen. Later werd dat uitgebreid tot 3.500.000

Rusland bracht in het begin 1.400.000 in het veld. Later bereikte men een topsterkte van bijna 6.000.000

Engeland tenslotte had als enige aan het begin van de oorlog een beroepsleger: 125.000 man. Aan het eind van de oorlog had men de dienstplicht ingevoerd en had het een topsterkte (samen met de Indiase en Afrikaanse soldaten) van 5.900.000 man

De Duitsers leken het beste voorbereid op een oorlog. Ze waren het beste bewapend en beschikten over het beste leger. Toch was het Duitse opperbevel niet zeker van zijn zaak. De opperbevelhebber, Von Moltke besloot het Von Schlieffenplan op belangrijke details te wijzigen.
Allereerst versterkte men de linkerflank (het grensgebied met Frankrijk), daarnaast besloot men alleen door BelgiŽ heen te trekken (daarmee in feite bepalend dat Nederland neutraal zou blijven) en, 'last but not least', men besloot Oost-Pruisen te verdedigen tegen een mogelijke vroege Russische aanval. Deze wijzigingen verzwakten de Duitse rechtervleugel.

De Eerste Wereldoorlog was, zo kunnen we nu zeggen, een schok voor de mensheid. Nog nooit waren zoveel mensen betrokken geweest bij een oorlog. Het ging daarbij niet alleen om soldaten, maar ook om burgers. Vrijwel alle burgers van de deelnemende landen hadden de gevolgen van de oorlog ondervonden. Heel veel gezinnen in Engeland, Frankrijk, Duitsland en Rusland hadden vaders en zoons die meevochten en die sneuvelden. Door de moeilijkheden die de landen hadden met de bevoorrading, met name in Duitsland door de Engelse blokkade, kwamen er tekorten aan levensmiddelen. In gebieden waar de oorlog woedde, moest de bevolking worden geŽvacueerd. Daarnaast vroeg de wapenindustrie om steeds meer arbeiders. Daardoor werden er voor het eerst vrouwen op grote schaal ingezet op de arbeidsmarkt.

De Verliezen
In totaal sneuvelden er ongeveer 8.600.000 soldaten. Ongeveer 21.000.000 mensen raakten op de ťťn of andere manier door oorlogshandelingen gewond. Rusland, Oostenrijk, Duitsland en Frankrijk leden de zwaarste verliezen.
[ terug... ]Omhoog


Maak vrienden

Wie is er online!

Stem hier!!


Copyright 2002-2017